CoMa.nl

Verhalen van het schrijversduo Co & Ma

Ik ben Trouwlezer…

Het mooiste van een dagje krant zijn de zwarte vingers en afdrukken daarvan in mijn notitieboek. Waar anders behoort over een krant geschreven te worden, dan in het Newscafe. Het enige nadeel daarvan is dat iedereen steeds mijn krant van mij af wil nemen. In de veronderstelling dat de pagina’s op mijn tafel eigendom zijn van het café, vraagt men vriendelijk doch retorisch of zij deze in mogen zien. Weet iemand hoe een hond aan het uiteinde van een theedoek rukt en trek wanneer je deze aan het andere eind vasthoudt? Zo stond ik tot drie keer toe mijn krant te verdedigen. Het was een strijd op lezen en dood. Wellicht kun je en voorstelling maken van hoe het katern aan repen gereten zal worden, als je loslaat. Liever was ikzelf de hond.

Kritisch bekijk ik elke pagina. Soms lees ik een artikeltje, welke ik er vervolgens uit scheur. Ik had een schaar mee moeten nemen. Op deze manier eindigt het in een stapel flarden van hele of halve pagina’s. Ofwel, oud papier. Eigenlijk is dat het al, totdat ik het lees. Ik heb zelf namelijk geen krant. Daarom krijg van mijn buurman iedere zaterdag een stapel met edities van de week ervoor. Hij is 67 en zet geniale koffie. Omdat hij slecht ter been is, breng ik iedere week zijn vuilniszakken naar de ondergrondse container. In ruil daarvoor krijg ik zijn oude kranten. Deze lees ik in chronologische volgorde. De zaterdagbijlage van mijn krant is dus de dikste van heel Nederland. Al is dat voor ieder dagblad zo. Zaterdag is de verkeerde dag om erover te schrijven. Zo hoorde ik laatst een uitzending van de radionieuwsdienst verzorgd door het DPA. Volgens dat bericht werd overwogen een maximum gewicht vast te stellen voor de zaterdageditie, omdat het gevaar op zou leveren voor de volksgezondheid. Er was een driejarige peuter met ernstig hersenletsel in het ziekenhuis opgenomen, omdat hij aan het spelen was onder de brievenbus, juist op het moment dat de Volkskrant werd bezorgd.

Niet alleen de nieuwslezer Hans Dorrestijn had iets negatiefs te melden over mijn Volkskrant. Joop Visser zong er een liedje over: “De Volkskrant is een kutkrant … De Volkskrant wordt steeds dikker en d’r staat steeds minder in … als ik ‘ns een krant lees, … dan wil ik ook een krant en geen papieren drol … De Volkskrant is een pokkeblad, een geitenwollensokkenblad … het lijkt wel een riool.” Het laat niets aan de verbeelding over. Joop Visser leest Trouw.

‘Lees jij Trouw?’, zei de vader. De intonatie waarmee hij het uitsprak, deed vermoeden dat het een retorische vraag was. Ik denk dat hij bedoelde dat ze gereformeerd zou moeten zijn, dat ze bekrompen was en dat bleef doordat ze zich voedde met conservatieve prietpraat.
‘Uhm, ja.’ Mijn huisgenote leek verbaasd. Ze had een vriendin de opslagruimte van haar schuur aangeboden, omdat zij moest verhuizen en toen zij met haar vader voor de deur stond om deze ruimte te vullen, bood ze hem in zijn pauze beleefd een bak koffie aan en vervolgens maakte hij haar uit voor christenteef. Ik zou ook verbaasd zijn.
‘Dan ben je gereformeerd.’ Hij bedoelde inderdaad wat hij zojuist onuitgesproken liet.
‘Nou, nee. Mijn ouders lezen het en zodoende hebben ze mij tien dagen een gratis krant cadeau gedaan. Om het te proberen.’ Ik moet mijn huisgenote prijzen om de moed waarmee ze hem pareerde.
‘Kan wel zijn, maar hij ligt hier wel. En dan ben je gereformeerd. Of in ieder geval hervormd.’
‘Oh.’ Moedig als ze was, tegen dit ongenuanceerde geweld had bijna niemand op gekund.
‘Ja, dat is zo.’
Ik werd nieuwsgierig naar wat de voor mij onbekende man uit Tilburg zelf door de brievenbus kreeg.

Voor de oplettende lezer, moet ik nu iets uitleggen. Ik hoor jullie denken: ‘Je zei dat je geen krant hebt, maar dan verhaal je over de Trouw van je huisgenote. Waarom lees je die dan niet?’ Ik heb altijd Trouw gelezen. Zowel mijn vader als mijn moeder lezen trouw. Je zou kunnen zeggen dat zij zijn getrouwd. Ik wilde eens iets nieuws lezen. En aangezien alle sociologen Volkskrant lezen, was de keuze snel gemaakt. Soms denk ik dat sociologen socioloog geworden zijn, omdat zij Volkskrant lezen. Voor mij geldt precies het tegenovergestelde. Ik ben het gaan lezen, omdat ik socioloog wilde worden. Kip of ei. Wel delen sociologen een voorliefde voor achtergronden.

Ik lees geen krant voor het nieuws. Daarvoor is het vele malen gemakkelijker om de televisie aan te zetten. Na zeven minuten RTLZ ben ik bij, waar datzelfde mij met een krant toch zeker het viervoudige kost. De achtergronden boeien mij. De meeste mensen kan het echter niet interesseren. Misschien verandert dat als we het in vervolg voorgronden gaan noemen. Misschien neemt men er dan de tijd voor om deze tot zich te nemen. Als je het ’s ochtends tijdens de spits, zittend in de metro op weg naar je werk, uit kunt lezen, mag je het eigenlijk geen krant noemen.
De katernen die nu voor mij liggen heten Vervolg, Betoog en Kennis. Ze klinken al stoer. Trouw suggereert dan verdieping te brengen, maar dat is niet zo. Het is de krantenjongen die heel trouw, iedere ochtend De Verdieping brengt. Maakt het overigens niet minder interessant om te lezen. Trouw krijgt vaak onterecht een verzuild stickertje opgeplakt. Terwijl de brieven aan God toch echt in de Volkskrant gepubliceerd worden.

Alles aan de Volkskrant vind ik goed. Zelfs het formaat? Ja, zelfs het formaat.
Het tabloidformaat, waarin steeds meer dagbladen verschijnen, suggereert dat de traditionele omvang onhandig is. Mijn waarde vriend Ma heeft het formaat van de Volkskrant al vaak bezongen. Ik zal hem hierin steunen. Het nadeel zou kunnen zijn dat menig tafel te klein is. Doordat de voorpagina de rechter is en deze als eerste gelezen wordt, valt de linker pagina dan over de rand waardoor deze onleesbaar naar de grond wijst. Echter heeft de redactie hier handig op ingespeeld door er oninteressante reclame en vacatures te plaatsen. Een bijkomend voordeel is dat ik zeer impulsief kan scheuren zonder me druk te hoeven maken dat ik leuke artikelen vernietig op de onderzijde.

Er is niets verkeerd aan deze krant. Nou ja, één ding dan. Het enige dat ik jammer vind, is dat er links onderop de voorpagina reclame gedrukt staat. Daar waar vroeger de CaMu stond. Ik werd pas Volkskrantlezer toen ze zo goed als gestopt waren, maar ik mag mijn afkomst niet verloochenen. Door hen ben ik in CoMa geraakt. Zoiets vergeet je niet snel.

« »

© 2018 CoMa.nl. Thema door Anders Norén.